Voertuig en veiligheid

Banden, verlichting, gordels, kinderbeveiliging en lading.

Gordels, kinderen en lading

Wat moet in orde zijn voor je vertrekt.

Regel

De bestuurder en alle passagiers moeten de veiligheidsgordel dragen. Kinderen kleiner dan 1,35 meter moeten in een geschikt kinderbeveiligingssysteem vervoerd worden.

Wat betekent dit?

Als bestuurder ben je verantwoordelijk voor het correct vervoeren van kinderen jonger dan 18 jaar.

Voorbeeld

Een kinderzitje met de rug naar de rijrichting mag nooit vooraan staan als de airbag actief is.

Let op

Je lading mag je zicht, je manoeuvreerruimte en de zichtbaarheid van je lichten en nummerplaat niet belemmeren, en moet degelijk vastgemaakt zijn.

Onthoud dit

Losse voorwerpen worden bij een botsing projectielen.

Bron: Wegcode (KB 1 december 1975), art. 35 en 45 · KB 01/12/1975 (geconsolideerd) · gecontroleerd op 2026-08-24

Klaar om te oefenen?

Test meteen of je de regels van dit hoofdstuk beheerst.